Infectieziekten

Bij infectieziekten is er sprake van een ziektekiem die in staat is het dier te infecteren ('binnen te dringen'), zich in het lichaam te vermeerderen om vervolgens weer te worden uitgescheiden. Het geïnfecteerde dier wordt niet altijd ziek.

Infectieziekten onderscheiden zich in een drietal hoofdgroepen:
  • virussen
  • bacteriën
  • parasieten
Voor beschrijving van de meeste  van deze infectieziekten verwijzen we graag door naar de site van de Gezondheidsdienst voor Dieren. U kunt ze nalezen door onderaan deze pagina op de betreffende link te klikken.
 
Bij enkele ziektes willen we graag wat aanvullende eigen informatie geven.
Afbeelding: koeien rood bont

BVD

BVD is een ziekte van zichzelf problemen geeft en die de weerstand van de veestapel tegen andere problemen ernstig aantast. Wij vinden BVD de ziekte bij uitstek waar elk bedrijf maatregelen tegen moet nemen.

Gebleken is dat op BVD vrije bedrijven per jaar toch 5 tot 10 van de 100 met een nieuwe BVD infectie te maken krijgen. Dit ondanks goede preventie tegen insleep. De oorzaak is meestal niet te achterhalen. In 10 jaar is er dus meer dan 50% kans op een uitbraak. En juist melkvee dat geen afweerstoffen heeft zal bij een uitbraak zeer veel schade ondervinden. De gemiddelde schade bij een uitbraak op een bedrijf met koeien zonder afweerstoffen wordt berekend op meer dan € 500 per koe!
Op een bedrijf waar BVD al langer aanwezig is geweest is de schade per koe per jaar € 60. Deze schade komt op sluipende wijze tot stand en zult u vaak niet herkennen als schade door BVD. 

Plan van aanpak BVD

Afwachten
Als u niets doet is de kans dat uw bedrijf de komende 10 jaar getroffen wordt door BVD virus meer dan 50%. 

Jongvee dragercheck
U abonneert zich op een onderzoek dat 3 x per jaar wordt aangestuurd door de GD. Elk kalf dat u aanhoudt wordt tussen 1 en 5 maand leeftijd onderzocht op BVD dragerschap. Gevonden dragers kunt u dan afvoeren. Er zal nooit meer schade optreden door een drager. De kans dat een infectie binnenkomt en van koe naar koe gaat is groot. Een andere mogelijkheid is controle op dragers via oorbiopten tegelijk met nummeren.

Certificeringprogramma gezondheidsdienst    
Zoals boven al gezegd met een risico van 50% dat er eens in de 10 jaar toch een BVD infectie op uw bedrijf komt.  Door certificering is er controle op het binnenkomen van nieuwe infecties. Je loopt echter wel achter de feiten aan, want de infectie wordt pas achteraf ontdekt en er is dan al schade. 

BVD enten
Door te enten met het BVD- vaccin zullen de dieren afweerstoffen tegen BVD maken waardoor het dier zelf beschermd wordt en waardoor de vrucht goed beschermd wordt en er geen dragers meer geboren zullen worden. Hierdoor wordt BVD virus circulatie voorkomen en zal BVD niet toeslaan. Wel moet u ook bij vaccinatie eerst onderzoeken of er dragers zijn en deze afvoeren en moet u nog een jaar lang de geboren kalveren onderzoeken op dragerschap.
 

Het BVD entschema

De allereerste enting bij alle dieren vanaf 7 maanden en 4 weken later herhalen (booster).

Ook later moet de eerste enting bij een dier altijd 4 weken later herhaald worden en moet de tweede enting vóór inseminatie plaatsvinden.

Daarna:

  • alle koeien vanaf 7 maand twee keer per jaar vaccineren of
  • alle dieren die u drachtig wilt hebben eens per jaar vóór inseminatie (elke maand voor BB uitzoeken). Dit systeem is goedkoper, maar ook kwetsbaarder (fouten bij uitzoeken, te veel tijd tussen vaccinatie en drachtig worden) en tijdrovender. 
 
De door ons gebruikte entstof is een dode entstof. Er is daarom geen enkel gevaar dat vaccinatie tegen BVD onbedoeld een andere infectie teweeg brengt.
Ongewenste reacties na enten zien wij niet van deze entstof. 
 
Conclusie:
  • Vaccineren is de veiligste keus.
  • Ondanks vaccinatie moet u nog een jaar controleren of er geen dragers geboren worden.
  • Als u niet kiest voor vaccinatie, kies dan voor het beste bewakingsonderzoek om een infectie niet helemaal te laat te ontdekken. 
 
Tip: Vaccinatie tegen BVD en IBR tegelijk.  Eén handeling, dubbele bescherming.
 
 
 
Afbeelding: koeien in wei

Maagdarmwormen

Er wordt soms te veel en soms te weinig ontwormd. Beide is niet goed. Wanneer u jongvee of koeien weidt dan is het verstandig om samen met uw dierenarts een keer te spreken over een ontwormings strategie. De Faculteit Diergeneeskunde en de Gezondheidsdienst voor Dieren hebben daarvoor een zogenaamde Wormsleutel gemaakt. Elke rundvee dierenarts heeft zo’n sleutel bij zich en met behulp daarvan komt u tot een uitstekend plan voor goede groei en voldoende weerstandsopbouw.

 

 

 

Informatie over de diverse infectieziekten vind u via onderstaande link naar de Gezondheidsdienst voor Dieren.

logo gd 2