De Rode Setter en Rood Witte Ierse Setter

Rode Setter en Rood Witte Ierse Setter

Algemeen
De Ierse Setter komt uit Ierland en is oorspronkelijk gefokt om het vogelwild in het veld op te sporen. Ook werden zij gebruikt om het geschoten wild (fazanten, patrijzen etc.) te apporteren. Van oorsprong waren de Setters meer wit dan rood maar door selectief fokken is de Rode Setter ontstaan. Tegenwoordig wordt beide Setters, in Nederland, bijna niet meer voor de jacht gebruikt. Het is nu meer een gezins- en showhond dan een jachthond. 
 
Uiterlijk
De beide Setters zijn ranke honden met hangende oren. De vacht is dun en vlak of golvend met langere haren bij hals, buik, poten staart. De kleur van de Rode Setter is rood/kastanjebruin en van de Rood Witte Setter is wit met rode platen. De haren van de Rode Setter zijn langer dan van de Rood Witte Setter. De schofthoogte van reuen is van 56 tot 62 centimeter. De teven zijn iets kleiner namelijk van 51 tot 56 centimeter. De volledige rasstandaard voor beide rassen is na te lezen bij de rasvereniging of bij de Raad van Beheer op Kynologisch gebied.
 
De Rode Setter en Rood Witte Ierse Setter

Karakter
De Rode Setter en de Rood Witte Ierse Setter zijn zachtaardige, intelligente en energieke honden. Beide Setters zijn makkelijk op te voeden maar hebben wel duidelijke regels nodig. Ook zijn het honden die wel beweging nodig hebben. Het zijn honden die graag iets voor je willen doen. Beide Setters zijn echte gezinshonden.

Verzorging
De vacht van beide Setters hebben een regelmatige borstelbeurt nodig. Maar de vacht is makkelijk te borstelen. Het is ook mogelijk om de hond te laten trimmen. Hierbij worden voornamelijk de haren onder de pootjes en bij de oren weggeknipt. Ook heeft de hond regelmatige beweging nodig. Het is niet nodig om een Setter regelmatig te wassen. Zijn vacht verliest heel gemakkelijk het vuil (modder etc.).
Wel dient u rekening te houden met het voeren van een Setter. Door de diepe borstkast zijn ze gevoelig voor een maagverdraaiing (maagtorsie). Dit is te voorkomen door de hoeveelheid eten over meerdere (minimaal 2) maaltijden te verdelen en de hond een voor en na een maaltijd rust te geven.
 
De Rode Setter en Rood Witte Ierse Setter
Opvoeding
De socialisatieperiode is ook voor een Setter belangrijk. Zorg in de periode dat de hond met de nodige nieuwe dingen kennis maakt. Maar overdrijf het niet. Ook op een latere leeftijd kan de hond nieuwe dingen leren en aanleren. Vooral een cursus (gehoorzaamheid, jacht, behendigheid etc.) zal voor de baas en de hond een uitkomst zijn. Dan is een Setter in zijn element. Zowel de Rode Setter als de Rood Witte Ierse Setter doen namelijk graag iets samen met het baasje.
 
Erfelijke ziekten en aandoeningen
Soms komt bij de Setter elleboog- en heupdysplasie voor. Dit is deels erfelijk maar ook voeding en belasting van de gewrichten kunnen een rol spelen. Ook kunnen er oogafwijkingen voorkomen, voornamelijk PRA (progressieve retina atrofie) en cataract (grauwe staar).  Verder moet u letten op epilepsie en huidproblemen.
Het is belangrijk dat de ouderdieren hierop getest zijn. Het is dan ook verstandig om een pup bij een fokker te kopen die bij de rasvereniging is aangesloten.
 
Benodigde ervaring
U hoeft niet over specifieke ervaring te beschikken om een Rode Setter of Rood Witte Setter te houden en op te voeden. Maar enige kennis van het houden van honden is wel een voordeel. 
 
Bron: Peter en Marianne de Haar
Website
De Rode Setter en Rood Witte Ierse Setter